De vereniging It Fryske Gea
It Fryske Gea is de provinciale vereniging voor natuurbescherming in Fryslân. Zij heeft als doel bescherming, behoud en ontwikkeling van natuur en landschap in Fryslân. De vereniging beheert momenteel meer dan vijftig verschillende natuurgebieden - met een totale oppervlakte van 20.000 hectare - verspreid over de hele provincie. In haar werk wordt de vereniging gesteund door circa 22.000 leden. De activiteiten van It Fryske Gea zijn te onderscheiden in twee hoofdaandachtsgebieden, de beheersactiviteiten en de verenigingsactiviteiten. De beheersactiviteiten hebben betrekking op de uitvoering van het beheer, de aankoop of verwerving van natuurterreinen, herstel en ontwikkeling van natuur, cultuur en landschapswaarden, inventarisatie en toezicht. Voorlichting, educatie, excursies en het verwerven van financiële middelen vormen eveneens belangrijke aandachtsgebieden.
Geschiedenis
Vanaf het begin van de twintigste eeuw, met name in de twintiger, begin dertiger jaren neemt in Nederland de belangstelling voor planten, vogels en insecten toe, ook in Fryslân. Meint Wiegersma, Durk Dijkstra, H. Heidinga, het echtpaar Koopmans-Forstmann, Tj.Gs. de Vries, Jacob Botke en Dirk ter Haar zijn slechts enkele namen van natuurliefhebbers die in die periode nieuwe soorten ontdekten en daar vervolgens gedetailleerd verslag van deden. Wanneer na de Eerste Wereldoorlog de grootschalige ontginningen beginnen, bekruipt de natuurliefhebbers een onbehaaglijk gevoel. Het besef groeit dat het Friese natuurschoon groot gevaar loopt. Dit brengt Meint Wiegersma tot het initiatief om tot een vorm van provinciale natuurbescherming te komen. Het begin was een lezing van hem in 1929, voor een vakantiecursus van de 'Provinciale Underwiisrie'. Ook de in 1905 opgerichte Landelijke Vereniging tot behoud van Natuurmonumenten is voorstander van een provinciale aanpak, liefst in de vorm van een stichting, naar het voorbeeld van Gelderland en Utrecht. Het resultaat: Op 22 februari 1930 vindt de oprichting plaats van de vereniging (in plaats van stichting) die op advies van bestuurslid Jacob Botke de naam "It Fryske Gea" meekrijgt. Een naam die sindsdien zowel binnen als buiten de provincie Fryslân een begrip is geworden.
 |
| De Landweer tussen Fryslân en Drenthe |
Haar eerste natuurgebied kreeg It Fryske Gea in bezit door een schenking: de "Landweer", een laatmiddeleeuws verdedigingswerk bij Allardsoog, even onder Bakkeveen. Daarna volgden al snel meer gebieden, zoals in 1931 het park Jongemastate en in 1934 de Prinsehôf bij Earnewâld. In 2006 had It Fryske Gea 57 natuurreservaten in bezit of in beheer. Daaronder bevinden zich kleine gebieden zoals de Dyksfeart in de buurt van Stavoren en de eendenkooien bij Lytse Geast, maar ook grote gebieden zoals 't Oerd op Ameland, het Rysterbosk in Gaasterland, de Lendevallei onder Wolvega, Noard Fryslân Bûtendyks langs de waddenkust en niet te vergeten het Nationale Park De Alde Feanen in het midden van de provincie.
Bij de oprichting van It Fryske Gea is dus gekozen voor de verenigingsvorm. De oprichters van de vereniging hebben dit bewust gedaan om zoveel mogelijk mensen bij de natuurbescherming te betrekken. Het aantal sympathisanten onder de bevolking is vanaf de oprichting in 1930 gegroeid tot ongeveer 23.000 leden in 2009. De leden zorgen voor contributie-inkomsten. Naast deze inkomsten ontvangt It Fryske Gea van Rijk en Provincie subsidie voor beheer- en overige organisatiekosten. De aankoop van natuurterreinen wordt ook (nagenoeg geheel) door Rijk en Provincie bekostigd. Vanuit het bedrijfsleven wordt It Fryske Gea gesteund middels de Stichting "YNNATURA, bedrijven voor It Fryske Gea". Ongeveer zestig bedrijven zijn bij deze stichting aangesloten. Doel van de stichting is geselecteerde bedrijven te interesseren geld beschikbaar te stellen om concrete en herkenbare projecten van It Fryske Gea te ondersteunen. De vereniging telt bijna zestig medewerkers, 8 bestuursleden, 30 leden van de Verenigingsraad en enkele honderden vrijwilligers. Van de 3.788 vierkante kilometer die de provincie Fryslân beslaat, maken de diverse grotere en kleinere natuurgebieden een - naar verhouding - aanzienlijk deel uit. Daarvan beheert It Fryske Gea bijna 20.000 hectare, waarvan ca. 8000 ha in eigendom.
Natuur beheren en beleven
Natuur is er niet alleen om te behouden en te beheren, maar ook om te beleven. It Fryske Gea wil zoveel mogelijk mensen bij de natuurbescherming betrekken en waar mogelijk haar natuurgebieden openstellen voor het publiek. Zo hoopt de vereniging meer begrip te kweken voor de natuurlijke samenhang en de rol van de mens daarin. Daarom zijn in veel gebieden zogenaamde kuierpaden aangelegd: eenvoudige wandelroutes waarop liefhebbers kunnen genieten van het natuurschoon, zonder dat de plaatselijke flora en fauna wordt aangetast. In het waterrijke gebied van de Alde Feanen is een vaarroute uitgezet die met smalle bootjes gevolgd kan worden. Bij Earnewâld staat het bezoekerscentrum Nationaal Park De Alde Feanen, een informatiecentrum dat jaarrond geopend is. Ook op 't Oerd op Ameland zijn voor bezoekers speciale voorzieningen getroffen. De toegankelijkheid tracht de vereniging verder te bevorderen door het plaatsen van informatiepanelen en vogelkijkhutten en het aanleggen van mindervalidenpaden. Daarnaast organiseert It Fryske Gea jaarlijks meer dan honderd activiteiten voor haar leden: excursies, wandelingen, ontdekkingstochten per fiets, vaartochten, zwerftochten, observaties, lezingen, etc. Met de hulp van haar leden kan It Fryske Gea ervoor zorgen dat de natuur in Fryslân behouden blijft, voor nu en in de toekomst.
Naar boven