Polders Koarnwert
In het westen van Fryslân beheert It Fryske Gea de Polder Koarnwert, inclusief Polder de Eenhoorn bij Cornwerd en de Makkumersúdmar bij Allingawier. Het zijn weidevogelgebieden bij uitstek.
‘Fûgeltsjelân’ voor weidevogels
‘Fûgeltsjelân’ wordt het genoemd. Graslanden die speciaal beheerd worden om weidevogels van dienst te zijn. Er wordt strorijke stalmest gebruikt, in het Fries bekend als ‘rûge dong’. Ook wordt pas laat in de voorzomer gemaaid. Scholekster, kievit, grutto, tureluur en veldleeuwerik kunnen deze extra aandacht goed gebruiken. In de Polder Koarnwert en de Makkumersúdmar kunnen de vogels terecht op de bloemrijke graslanden waar boterbloem, pinksterbloem en veldzuring nog uitbundig bloeien.
Polder Koarnwert
De eigenlijke Polder Koarnwert ligt ten noorden van de Koarnwertervaart. Aan de zuidkant ligt deelgebied Polder de Eenhoorn dat ook tot dit natuurgebied wordt gerekend. Deze droogmakerij is al in 1776 drooggelegd. In de Polder Koarnwert komt op de voor de aardewerkindustrie ‘afgetichelde’ stukken grond een bijzonder waardevolle vegetatie voor. Zilte invloeden blijken uit de aanwezigheid van Engels gras, melkkruid, schorrenzoutgras en zeeweegbree. Sporadisch groeit hier ook stomp kweldergras en komt de aan brakke polders gebonden knolvossenstaart voor.
De Makkumersúdmar
De veenpolder Makkumersúdmar is in het laatste kwart van de negentiende eeuw drooggelegd. It Fryske Gea had hier eerst 7 hectare in eigendom, maar het bezit is dankzij de ruilverkaveling uitgebreid. Net als in Polder Koarnwert wordt hier extensief graslandbeheer toegepast: maaien na 15 juni, naweiden, en alleen bemesten met strorijke stalmest.
De Polder Koarnwert, Polder de Eenhoorn en Makkumersúdmar zijn niet vrij toegankelijk.
MolenBij de Polder Koarnwert staat de Kornwerdermolen.






