Unlân fan Jelsma en het Kobbelân
In het Lage Midden van Fryslân liggen ten noorden van Aldeboarn het Unlân fan Jelsma en het Kobbelân. Het zijn restanten van blauwgrasland, midden in het moderne cultuurlandschap.
Waardevol blauwgrasland eilandje
In het Unlân fan Jelsma liggen petgaten in een ver stadium van verlanding, met bos. Op de stripen is het nu nog zo zeldzame maar vroeger zo algemene blauwgrasland te vinden. Wat de planten betreft, vallen in het voorjaar vooral de zeggesoorten, zoals blauwe, blonde en geelgroene zegge op. Aan de randen van het moerasbos is vroeg in het jaar het veenreukgras te vinden en op verscheidene vochtige plekken staan draadzegge, glanzig veenmos en geveerd sikkelmos.
Open petgaten 
Het Kobbelân ziet er anders uit dan het Unlân. Het is dieper verveend en daarom bestaan de petgaten uit grotere vlakten open water. Op de stripen komt blauwgrasland met zeer veel Spaanse ruiter voor. Verder zijn er mooie veldjes met veenpluis, hondsviooltje en wateraardbei. Waar het nat is, duikt het waterdrieblad op en waar rietafval is verbrand, zoekt het klein bronkruid zijn heil. De open petgaten worden gekleurd door de witte waterlelie en de gele plomp. Het Kobbelân is met zijn ruige oeverbegroeiing een ideaal broedterrein voor wilde eend, kuifeend, slobeend, fuut en meerkoet. Ze hebben gezelschap van rietgors, rietzanger, kleine karekiet en soms ook van de purperreiger en de bruine kiekendief.
Het Unlân fan Jelsma en Kobbelân zijn alleen op aanvraag toegankelijk.






