Over dit gebied

In de ijstijd vormden grote landijstongen het landschap. In Fryslân ontstonden toen drie beekdalen. Het landijs maakte de beekdalen breder en toen deze gletsjers uiteindelijk smolten werden de dalen diep uitgesleten door het smeltwater. Het Ketliker Skar ligt in zo’n beekdal, namelijk op de flank van de Tsjongervallei.

Wanneer je in het Ketliker Skar een wandeling maakt naar de beek de Tsjonger, dan loop je als het ware vanaf de hooggelegen Ketlikerheide naar beneden naar het laagste punt in het beekdal, genaamd de Tsjongerdellen.

Tsjongerdellen
Deelgebied de Tsjongerdellen is een overblijfsel van het oude beekdal de Tsjonger. De rivier zelf kronkelde na de kanalisatie niet meer, maar de oude meanders zijn in het beekdal weer opnieuw uitgegraven. Het dal grenst aan het Ketliker Skar en bestaat verder uit vochtige hooilanden met veel sloten. De graslanden staan ‘s winters vaak onder water, met als gevolg dat in het voorjaar de dotterbloem, echter koekoeksbloem en waterkruiskruid zich volop kunnen ontwikkelen. Ook weidevogels als grutto, watersnip en wulp en voelen zich hier thuis. De Tsjongerdellen is het hele jaar door rijk aan vogels, maar ook de zeldzame libel de groene glazenmaker wordt hier zomers regelmatig gespot.

Ketlikerheide
Boeiend aan de Ketlikerheide is de afwisseling van heide, veenputten en vennetjes. Je kunt hier in alle rust genieten van een prachtig tapijt van struikheide, gewone dopheide en kraaiheide. Het landschap is het terrein van geelgors, gekraagde roodstaart, specht en boompieper. Luid zingend bakent de muzikale geelgors zijn territorium af. Hij maakt behoorlijk veel kabaal voor zo’n klein zangvogeltje en zingt een kenmerkende melodie. Als je goed luistert dan hoor je misschien de eerste tonen van de vijfde symfonie van Beethoven.

Ketliker Skar
In het Ketliker Skar wisselen dichte productiebossen van sparren en hakhout elkaar af met statige eiken- en beukenlanen. Deze lanen zijn zeer herkenbaar voor dit natuurgebied. Ons beheer is erop gericht de oude (voornamelijk) productiebossen om te vormen naar meer natuurlijk bos. Door deze variatie vind je hier verschillende soorten dieren en planten. Tussen de sparren liggen verschillende dassenburchten. De dassen laten zich overdag niet zien, maar je kunt hun sporen zeker in het bos vinden. De oplettende bezoeker vindt regelmatig een pluk dassenhaar in het prikkeldraad of aan de onderkant van een hek.

Voor bosvogels is het vochtige loofbos een ideaal domein, zoals de wielewaal, de grote en kleine bonte specht, de holenduif, de gekraagde roodstaart en de grauwe- en bonte vliegenvanger. Met name door de aanwezigheid van het dode hout voelen de groene en zwarte specht zich thuis. Het naaldbos biedt onderkomen aan bijvoorbeeld goudhaan, kuifmees en zwarte mees. Met dank aan de grazende reeën en damherten blijven de open stukken ook open.

Middenin het bos van het Ketliker Skar staan twee grote stenen. Met een beetje fantasie lijkt het op een soort Stonehenge. Je kijkt hier naar het monument van beeldhouwer Anne Woudwijk met de titel “Wanneer de maan het landschap verandert, huilen de wolven”. Het is een ode aan de wolf, dat in één rechte lijn Olterterp, via het Ketliker Skar met de Lendevallei verbindt.

Verborgen onderdeel van het gebied is de Marijkemuoidobbe, een poel in het aantrekkelijke landschap en tevens Pingo-ruïne, gelegen aan de westzijde van het Ketliker Skar.

Drie bijzondere vleermuisonderkomens met een verhaal
Een onschuldig ogend graslandje in het bos heeft een bijzondere historie. In het laatste oorlogsjaar zocht het Friese verzet het Ketliker Skar uit voor wapendroppings tijdens de Tweede Wereldoorlog. Hiervan slaagden er drie in november 1944. Het was een uiterst gevaarlijke en spannende, maar zeer noodzakelijke onderneming die plaatsvond in het holst van de nacht. Het verzet had namelijk dringend wapens nodig om mee te strijden voor de bevrijding van Fryslân. In totaal zijn er 72 wapencontainers en 6 manden met proviand door middel van parachutes gedropt. De boeren uit de omgeving die hier bij betrokken waren speelden een belangrijke rol. Ze waren lid van de zogenaamde ‘ontvangstploeg’ en zorgden met paard en wagens voor het vervoer van de wapens. Ook verstopten zij de wapens tijdelijk in hun schuren. Bouwe van Ens en Jelle Boersma waren twee van deze boeren, zij zijn naar aanleiding van de wapendroppings opgepakt en gefusilleerd. Op het weilandje in het bos waar de wapendroppings plaatsvonden staan drie vleermuisonderkomens in de vorm van wapendroppingskokers op palen. Ze markeren de drie geslaagde droppings, met een druk op een knop op de palen hoort u het verhaal over hoe zo’n wapendropping in zijn werk ging. De vleermuis staat symbool voor de mannen in het veld die de wapens  verzamelden: kwetsbaar en in de nacht actief.

 

Pictogram

Wil je de Friese natuur een handje helpen?

Doe een donatie
It Fryske Gea maakt gebruik van functionele en analytische cookies om jouw ervaring op onze website te verbeteren. Door akkoord te gaan met de tracking cookies kunnen wij jou gerichte berichten over de natuur en onze activiteiten op social media en via derde partijen tonen. Lees meer over cookies