Huitebuerster bûtenpolder
De Huitebuersterbûtenpolder is een buitendijkse polder tussen Nije- en Oudemirdum. Opvallend zijn de hoge zandkoppen aan de zuidkant, duintjes met een schrale begroeiing. Ook de Bûtenwallen horen tot dit natuurgebied.
Een polder met duintjes
Ouwers worden ze genoemd of Zuiderzeeduintjes. De hoge zandkoppen in een grote bocht van het IJsselmeer geven het landschap een prachtig aanzien. Hier en daar doen de planten nog denken aan de Zuiderzeetijd. De echte kruisdistel bijvoorbeeld, maar ook het hazepootje en bijzondere klaversoorten als de kleine en liggende klaver, de zeer zeldzame vogelpootklaver, de gestreepte klaver en de draadklaver.
Veel trekvogels en trekvlinders
De Huitebuersterbûtenpolder is ook een waardevol vogelgebied. In het winterhalfjaar zijn er vaak grote aantallen kolganzen, brandganzen en kleine rietganzen. Sneeuwgorzen en strandleeuweriken laten zich in kleinere groepjes zien. Soms worden in het voorjaar de kwartelkoning en de kwartel gehoord. Ook veel trekvlinders en libellen zijn langs de buitenrand van de polder te vinden. Tijdens de bloei van de echte kruisdistel zijn er soms honderden distelvlinders en atalanta’s, in de luwte van de bosjes jagen libellen op insecten. De onbemeste schraalgraslanden op de zandkoppen zijn het leefgebied van de rugstreeppad. Hier worden ook zeldzame paddenstoelen gevonden, zoals de elfenwasplaat en nog meer soorten die op de rode lijst staan.
De Huitebuersterbûtenpolder is niet vrij toegankelijk, maar vanaf de zeedijk goed te overzien.






