Mokkebank groeit uit tot kraamkamer voor vogels en vissen

De eerste monitoringsresultaten van de Mokkebank laten zien dat de herinrichting van het gebied zijn vruchten afwerpt. Twee jaar na de start van de werkzaamheden ontwikkelt het gebied zich tot een belangrijke kraamkamer voor vissen en een aantrekkelijk leefgebied voor karakteristieke moerasvogels. Tijdens een ecologische expertmeeting op 24 juni deelden It Fryske Gea en Versterken Friese IJsselmeerkust (VFIJ) de bevindingen met partners en experts uit het veld.

De positieve resultaten zijn gebaseerd op verschillende monitoringsonderzoeken, waaronder de BMP-broedvogelmonitoring, vismonitoring, vistrapmonitoring en waterstandsmetingen. Samen geven deze onderzoeken een steeds completer beeld van de ontwikkeling van het gebied. “Het mooie is dat we niet alleen zien dat de natuur terugkomt, maar dat we dit ook kunnen onderbouwen met gedegen onderzoek. Dat geeft vertrouwen dat de keuzes die we hier samen hebben gemaakt daadwerkelijk werken”, zegt Chris Bakker, directeur van It Fryske Gea.

Ambassadeurssoorten vertellen het verhaal
Dat de natuur zich in de goede richting ontwikkelt, blijkt onder meer uit de aanwezigheid van verschillende kenmerkende moerasvogels. Soorten als de roerdomp, snor, rietzanger en bruine kiekendief zijn snel na de inrichting van het gebied verschenen als broedvogel.

Deze vogels stellen hoge eisen aan hun leefomgeving en laten zien dat de inrichting van het gebied aansluit bij wat gezonde moerasnatuur nodig heeft. Vooral de sterke toename van de roerdomp is veelzeggend: het aantal territoria groeide van één naar zeven. Ook soorten als de dodaars en de rietzanger profiteren zichtbaar van de nieuwe inrichting. Ecoloog Wibe Altenburg: “Vooral roerdomp, snor en bruine kiekendief zijn echte ambassadeursoorten van het ‘waterriet’, rietland dat (ook) in het voorjaar in het water staat en daardoor een veilig leefgebied biedt aan een heel scala aan moerassoorten. Vóór de inrichting van de Mokkebank ontbrak zulk waterriet er vrijwel geheel.”

Belangrijke kraamkamer voor vissen
Ook onder water zijn de eerste resultaten veelbelovend. Bij de vismonitoring zijn elf verschillende vissoorten aangetroffen. Opvallend is dat 88 procent van de gevangen vissen uit jonge exemplaren bestaat. Dat wijst erop dat de Mokkebank nu al een belangrijke functie vervult als paai- en opgroeigebied voor vissen. Bij de vismonitoring is niet alleen gekeken welke soorten aanwezig zijn, maar ook hoe de vis zich verspreidt en welke leeftijdsopbouw de populaties hebben.

Volgens Dirk Jan Lepstra van VFIJ onderstrepen de eerste resultaten het belang van langjarige samenwerking aan natuurherstel langs de Friese IJsselmeerkust en helpt het als je de natuur daarbij een zetje geeft. “Ik ben echt onder de indruk van het herstellend vermogen van de natuur. Al een week nadat de eerste kranen vertrokken waren de eerste tekenen van herstel al te zien”.

Om de Mokkebank weer geschikt te maken voor vogels en vissen zijn de omvangrijke werkzaamheden uitgevoerd. Er zijn nieuwe slenken en ondiepe waterzones aangelegd, natuurvriendelijke oevers gecreëerd en de waterhuishouding aangepast, zodat er weer een natuurlijk waterpeil ontstaat. Ook is een vispassage aangelegd die jonge vissen de ruimte geeft om op te groeien en zich verder te verspreiden. Door de harde overgangen tussen land en water te verzachten, ontstaat een gevarieerd moerasgebied dat beter bestand is tegen klimaatverandering en ruimte biedt aan een grotere biodiversiteit. De eerste monitoringsresultaten laten zien dat deze aanpak daadwerkelijk effect heeft.

Over Versterken Friese IJsselmeerkust (VFIJ)

De Mokkebank is één van de projecten binnen Versterken Friese IJsselmeerkust (VFIJ). Binnen dit samenwerkingsprogramma werken overheden, natuurorganisaties en andere partners samen aan een klimaatbestendige, veilige en soortenrijke Friese IJsselmeerkust. Door natuurherstel, een natuurlijker waterbeheer en versterking van de biodiversiteit wordt gewerkt aan een toekomstbestendige kustzone waar natuur, water en landschap elkaar versterken.

De herinrichting van de Mokkebank is tot stand gekomen dankzij een brede samenwerking tussen onder andere It Fryske Gea, VFIJ, provincie Fryslân, het Rijk, Vogelbescherming Nederland en de Nationale Postcode Loterij.

 

Lopen naar vogelkijkhut De Mok

Op weg naar De Mok

In gesprek in De Mok

Ecoloog Wibe Altenburg licht toe hoe het gebied werkt

Op de Mokkebank

Duizenden jonge visjes liggen voor de lokstroom bij de vistrap

Directeur Chris Bakker neemt een kijkje

Nabij het IJsselmeer

Behoud van zeldzame vlinders in terreinen van It Fryske Gea

Klimaatverandering zet biodiversiteit, en dus ook vlinders, onder druk. Oorzaken van de achteruitgang van vlinders zijn onder andere het gebruik van insecticiden, verlies van leefgebied, klimaatverandering en monocultuur in de landbouw. 62% van de dagvlinders staat op de Rode Lijst. Sinds 1990 zijn 15 soorten verdwenen, 12 soorten ernstig bedreigd, 10 soorten bedreigd, 7 soorten kwetsbaar en 3 soorten gevoelig.

In dit onderzoek heeft Ilse Bijlsma (4e-jaars student Milieukunde) een advies opgesteld voor It Fryske Gea met maatregelen om de bruine vuurvlinder, kommavlinder en zilveren maan te behouden in terreinen van It Fryske Gea. Deze maatregelen kunnen worden meegenomen in toekomstige beheervisies.

Wat is onderzocht?

In dit onderzoek zijn de meest kwetsbare vlinders onderzocht die nog voorkomen op terreinen van It Fryske Gea. Doel was om te bepalen welke maatregelen nodig zijn om deze soorten duurzaam te behouden. Hiervoor zijn de bruine vuurvlinder, de kommavlinder en de zilveren maan geselecteerd.

Voor de bruine vuurvlinder en de kommavlinder is gekeken naar de Delleboersterheide. Voor de zilveren maan zijn de mogelijkheden in de Lendevallei onderzocht.

Het onderzoek bracht in kaart:

  • Populatie- en verspreidingstrends binnen Friesland en Nederland.
  • De habitateisen van de drie vlinders.
  • De kwaliteit van de leefgebieden (Delleboersterheide en Lendevallei), waaronder hydrologie, bodem, vegetatie en huidig beheer.
  • De belangrijkste knelpunten op basis van habitateisen en leefgebied.
  • Maatregelen om het beheer op korte en lange termijn te verbeteren.

Waarom is dit nodig?

De verspreidingstrends van de bruine vuurvlinder, kommavlinder en zilveren maan laten zien dat hun leefgebied afneemt. Om verdere achteruitgang te voorkomen zijn beheermaatregelen geadviseerd.

Verspreidingstrend bruine vuurvlinder

Verspreidingstrend bruine vuurvlinder

Verspreidingstrend kommavlinder

Verspreidingstrend kommavlinder

Verspreidingstrend zilveren maan

Verspreidingstrend zilveren maan

Wat hebben de vlinders nodig?

Bruine vuurvlinder

  • Afwisseling van open grond, kruidenrijke ruigten en lage schrale vegetaties.
  • Waardplanten: veldzuring en schapenzuring.
  • Nectarplanten: braam, struikheide, dopheide, akkerdistel, kale jonker, duizendblad, kruipende boterbloem, scherpe boterbloem, gewone hoornbloem en akkerhoornbloem.

Kommavlinder

  • Open landschap met schaars begroeide plekken en kale bodem.
  • Waardplanten: schapengras, zwenkgrassen, buntgras en struisgras.
  • Nectarplanten: struikhei, jakobskruiskruid, akkerdistel, slangenkruid, boerenwormkruid, schermhavikskruid, watermunt, blauwe knoop en koninginnenkruid.

Zilveren maan

  • Hoge grondwaterstand zonder invloed van voedselrijk oppervlaktewater.
  • Korte, ruige en open vegetatie.
  • Een vochtig microklimaat.
  • Waardplanten: moerasviooltje, duinviooltje en hondsviooltje.
  • Nectarplanten: koekoeksbloem, kale jonker, watermunt, grote kattenstaart, braam en koninginnenkruid.

Waar liggen de knelpunten?

Hoewel de drie vlinders verschillen in hun leefwijze, komen de belangrijkste knelpunten grotendeels overeen. Het grootste knelpunt is de aanwezigheid van voldoende nectarplanten. Voor de bruine vuurvlinder en de kommavlinder zijn de waardplanten voldoende aanwezig, maar voor de zilveren maan is dat onvoldoende.

Ook externe factoren hebben grote invloed. Door lagere waterpeilen rondom natuurgebieden treedt verdroging op. Hierdoor neemt de invloed van regenwater toe, wat leidt tot verzuring. Als gevolg hiervan nemen zowel waardplanten als nectarplanten af.

Wat kan er gedaan worden om de vlinders te behouden?

Bruine vuurvlinder en kommavlinder

  • Aangepast maaibeheer.
  • Belangrijke nectargebieden tijdelijk afsluiten voor grazers.
  • Kleinschalig plaggen.
  • Toepassen van steenmeel.
Maatregelen voor de bruine vuurvlinder en kommavlinder

Zilveren maan

  • Aangepast maaibeheer zodat nectarplanten gedurende beide generaties beschikbaar blijven en moerasviooltjes bereikbaar blijven.
  • Klepelmaaien en het plaatselijk verdunnen van veenmos om de verspreiding van moerasviooltjes te stimuleren.
  • Verbreden en verondiepen van sloten en toepassen van regelbare drainage voor hogere grondwaterstanden en minder verzuring.
Maatregelen voor de zilveren maan

Conclusie

Vlinders zijn een belangrijke graadmeter voor de kwaliteit van natuurgebieden. Wanneer het goed gaat met het landschap, profiteren ook vlinders hiervan.

De voorgestelde maatregelen kunnen een belangrijke bijdrage leveren aan het behoud van de drie onderzochte vlindersoorten. Tegelijkertijd blijven externe factoren, zoals verhoogde stikstofdepositie, verdroging en het gebruik van gewasbeschermingsmiddelen, een grote invloed uitoefenen. Zonder verbetering van deze omstandigheden zullen beheermaatregelen alleen onvoldoende zijn om de populaties duurzaam te behouden.

Partners tekenen voor toekomst Nationaal Park De Alde Feanen

Op 7 mei 2026 zetten de betrokken gebiedspartijen van het Overleg Orgaan van het Nationaal Park De Alde Feanen hun handtekening onder een gezamenlijke Samenwerkingsverklaring voor Nationaal Park De Alde Feanen. Twintig jaar na het begin van de samenwerking verklaren de gebiedspartners opnieuw de gezamenlijk schouders eronder te willen zetten om te werken aan een robuuste toekomst voor Nationaal Park De Alde Feanen. Namens It Fryske Gea zette directeur Chris Bakker zijn handtekening.

Samen richting de toekomst

De Alde Feanen is een uniek natuurgebied. Met bijna 4.000 hectare moeras, water, rietlanden en moerasbossen is het één van de grootste laagveenmoerassen van West-Europa. Een landschap vol leven, waar honderden plantensoorten en talloze broed- en trekvogels hun plek vinden zoals de zeearend en ook de otter! Maar zo’n gebied blijft alleen bewaard voor de toekomst als je het samen draagt. Dat gebeurt hier al twee decennia. Overheden, terreinbeheerders, maatschappelijke organisaties en lokale partners werken sinds het begin samen aan bescherming, ontwikkeling en beleving. In 2006 leidde die samenwerking tot de officiële status van Nationaal Park. Met de ondertekening van de Samenwerkingsverklaring NPDAF krijgt die samenwerking een nieuw hoofdstuk.

Een gedeelde verantwoordelijkheid

De boodschap is helder: Nationaal Park De Alde Feanen blijft een plek waar natuur voorop staat, waar bewoners en bezoekers genieten van de prachtige omgeving en toekomstige generaties bewust worden gemaakt van de waarde en schoonheid van de natuur. Geen nieuwe start, maar een stevige voortzetting. Met één gezamenlijke handtekening onder een gedeelde verantwoordelijkheid.

Nesthygiëne

De jonge zeearenden beginnen al flink te groeien! Wat aan verse prooien gebracht wordt gaat er met smaak in bij de jongen, maar moet er ook weer uit. Terwijl de restanten vis en gevogelte vaak nog dagenlang blijven liggen op de nestrand. Het is maar goed (of juist jammer) dat we geen “geur webcam” hebben..

Spijsvertering

Als vogel heb je geen tanden en kiezen om het voedsel klein te maken en dus wordt het (aangeboden) voedsel vaak in z’n geheel doorgeslikt. Veel soorten, waaronder de zeearend, hebben wel een krop. Dat is een uitstulping van de slokdarm waar het voedsel kan voorweken en enzymen worden toegevoegd. Van daaruit gaat het naar de spiermaag, waar het voorbewerkte voedsel wordt fijngemalen, zodat de voedingstoffen daarna via de darmwand in de bloedbaan worden opgenomen.

Vervolgens is bij de jonge zeearenden goed te zien dat hetgeen wat overblijft (poep en urine) via de in de cloaca uitmondende darmen, al dan niet met een krachtige flats over de nestrand wordt gespoten. En ja, dan hopelijk niet tegen de lens van de webcam!

Braakballen

Het voedsel bevat ook onverteerbare delen en die worden doorgaans niet geloosd als poep, maar gaan via de snelste weg weer terug, door slokdarm en snavel, in de vorm van een braakbal. Het produceren van braakballen is overigens niet voorbehouden aan uilen en roofvogels. Reigers, meeuwen, kraaien en zelfs kleine zangvogels als de roodborst kunnen braken. Alleen zijn die braakballetjes vaak zo klein dat wij mensen die als zodanig niet herkennen.

Nesthygiëne

Jonge roofvogels, waaronder zeearenden, spuiten hun uitwerpselen over de rand van het nest. En ja, dat kan een keer missen, maar meestal niet. Hoe groter of wijder een ring van vogelmest onder het nest is, hoe ouder de jongen zijn. Overigens vormt zo’n cirkel van vogelpoep, zeker bij kolonievogels zoals aalscholvers, weer het begin van een nieuwe en rijke voedselkringloop!

Maar goed, even terug naar het zeearend nest. Daar zal het volgens de menselijke reukzin ontzettend stinken naar rottende vis- en vleesresten. Alleen denk ik niet dat de zeearenden die geur als overlast ervaren.
Zeearenden hebben, naast een scherpe blik, tevens een goed ontwikkeld reukvermogen. Het zijn immers ook aaseters, die op grote afstand kunnen ruiken of en in welke richting zij in het veld een dood dier kunnen vinden. Het zou best eens kunnen dat zij juist de (voor onze neuzen vieze) nestgeur ervaren als de voor veel mensen aangename geur van vers gebakken brood.

Blijf genieten

Hoe dan ook, blijf voorlopig genieten van de geurloze beelden via de webcam. Als alles goed gaat, dan zullen de jongen rond de eerste week van juli het nest gaan verlaten. En… een ieder is welkom om zelf eens te gaan kijken in de leefomgeving van de zeearenden.

Kijk live mee!

 

Blog: door Andries Dijkstra

Start werkzaamheden IJsselmeerkust bij Workum

Met een feestelijke bijeenkomst in Workum zijn de werkzaamheden aan de Friese IJsselmeerkust officieel gestart. Gedeputeerde Friso Douwstra en wethouder Henk de Boer gaven samen het startsein. Tegelijk markeert dit moment de afronding van belangrijke natuurmaatregelen in de Workumerwaard.

Uitzicht op wat het gebied zo bijzonder maakt
Bij het uitzichtpunt bij It Soal werd stilgestaan bij de natuur in de Workumerwaard. Directeur Chris Bakker vertelde daar over het gebied en het belang ervan voor vogels en andere dieren. Hier zie je in één oogopslag waar het hier om draait: “Vanaf het uitzichtpunt bij It Soal zie je in één wijde blik alles wat de Friese IJsselmeerkust mooi maakt: kleurrijke graslanden, massa’s vogels en een strand met mensen die van het IJsselmeer genieten.” Met de aanleg van de stormbroedkering en het uitzichtpunt is een belangrijke stap gezet. De natuur is beter beschermd tegen storm en hoog water, terwijl bezoekers het gebied juist nog beter kunnen beleven.

Natuur en gebruik in balans

De komende periode wordt verder gewerkt aan de kust bij Workum. Er komt een nieuwe strekdam, het recreatiewater wordt verdiept en de Warkumerwaard krijgt een impuls met extra zand en schelpenbanken. Dat betekent meer ruimte voor natuur én voor mensen. Vogels vinden er nieuwe leefgebieden, terwijl het gebied aantrekkelijk blijft voor wandelaars, watersporters en andere bezoekers. De plannen voor Workum zijn samen met de omgeving gemaakt. Lokale betrokkenen dachten vanaf het begin mee. Die samenwerking zie je terug in het gebied zoals het nu wordt ingericht: met oog voor natuur, landschap én gebruik.

Werken aan een sterke IJsselmeerkust

De werkzaamheden maken deel uit van het project Versterken Friese IJsselmeerkust. Hierin werken overheden en natuurorganisaties samen aan een kust die klaar is voor de toekomst.

Start werkzaamheden Versterken Friese IJsselmeerkust
Start werkzaamheden Versterken Friese IJsselmeerkust
Start werkzaamheden Versterken Friese IJsselmeerkust
Start werkzaamheden Versterken Friese IJsselmeerkust
Start werkzaamheden Versterken Friese IJsselmeerkust
Start werkzaamheden Versterken Friese IJsselmeerkust
Start werkzaamheden Versterken Friese IJsselmeerkust

Twee zeearendkuikens in de Alde Feanen

Twee kuikens! Volgens verwachting was het de dag na kuiken nummer één, de de beurt aan nummer twee. Prachtig. En de derde? Waarschijnlijk zo’n twee of drie dagen later. Vorig jaar startte het broedsel ook met drie eieren, maar kwamen er uiteindelijk twee jongen uit. We wachten het vol spanning af.

Kijk live mee!

Eerste zeearendkuiken in de Alde Feanen uit ei gekropen

Een kuiken! Op 15 april hoorden we ’s ochtends al zacht gepiep uit de eieren komen. Dan weet je: het kan niet lang meer duren. De hele dag werd het nest nauwlettend gevolgd en het gat in het ei werd steeds groter. Rond 16.30 uur was het zover: het eerste kuiken kroop uit het ei!

Kijk live mee!

Bescherm de jonkies!

Tijdens het broedseizoen, 15 maart t/m 15 juli, worden in natuurgebieden overal jonge dieren geboren. In deze periode is de natuur extra kwetsbaar. Met kleine, bewuste keuzes kunnen bezoekers helpen om de natuur een veilige plek te laten zijn voor jong leven.

Waarom de campagne Bescherm de jonkies?

Jonge dieren zijn afhankelijk van rust, beschutting en de zorg van hun ouders. Als die rust wordt verstoord, kunnen ouderdieren schrikken en hun nest verlaten. Jonge dieren raken uitgeput, worden sneller ontdekt door roofdieren of overleven het niet. Vaak gebeurt dit onbedoeld, door menselijk gedrag dat goed bedoeld is, maar meer impact heeft dan we denken.

Als natuurorganisaties willen we dieren, en vooral jonge dieren, de rust en ruimte geven die zij nodig hebben om veilig op te groeien. Met ‘Bescherm de jonkies’ spreken we bezoekers actief aan om bewust en zorgvuldig met de natuur om te gaan. Genieten van het landschap kan en mag, maar wel op een manier die jonge dieren beschermt. Zo zorgen we samen voor meer rust in de natuur tijdens het broedseizoen. Juist in deze maanden maakt dit het verschil tussen opgroeien en niet overleven.

Houd jouw hond aan de lijn

Tijdens het broedseizoen kan zelfs de geur van een hond al voor onrust zorgen. Wilde dieren schrikken, durven niet terug naar hun nest of verlaten het zelfs. Dat brengt jonge dieren in gevaar. Ook als een hond rustig is, kan zijn aanwezigheid grote impact hebben. Als beschermer van de jonkies help je door je hond de hele route aangelijnd te houden. Zo geef je dieren rust en ruimte om hun jongen veilig groot te brengen. Wil je hond vrij rennen? Kies dan voor een speciaal losloopgebied.

Blijf op het pad in de natuur

Veel nesten liggen goed verstopt op de grond en zijn bijna niet te zien. Als je van het pad afgaat, kun je ongemerkt op een nest stappen of een ouderdier met jong afschrikken. Dat brengt jonge dieren direct in gevaar. Als beschermer van de jonkies help je door op de paden te blijven en de natuur van een veilige afstand te bekijken. Zo geef je dieren de rust en ruimte die zij nodig hebben om hun jongen groot te brengen.

Houd afstand van de oever op het water

Langs oevers en tussen het riet verschuilen zich veel jonge dieren en nesten. Ze zijn nauwelijks te zien en extra kwetsbaar. Als je te dicht langs de oever vaart of aanmeert op plekken waar dat niet mag, schrikken ouderdieren op of raken jongen verstoord. Als beschermer van de jonkies help je door met je, boot, kano of supboard afstand te houden van de oever en alleen aan te meren op plekken waar dat is toegestaan. Zo krijgen jonge dieren de rust en ruimte die zij nodig hebben om veilig op te groeien.

Tijdelijke afsluitingen

Sommige wandelroutes of gebieden zijn tijdelijk afgesloten. Dit doen we om vogels die op de grond broeden of jonge dieren hebben extra rust te geven. Op onze gebiedspagina’s lees je welke gebieden (deels) niet toegankelijk zijn.

Bescherm de jonkies campagne is het initiatief van Staatsbosbeheer, Natuurmonumenten en LandschappenNL, en wordt financieel ondersteund door Collectief Natuurinclusief en communicatief door provincies, natuurorganisaties, recreatieschappen, toerisme en recreatie branche, gebruikersgroepen en andere organisaties.

Het eerste ei bij zeearenden in de Alde Feanen

We moesten er dit seizoen iets langer op wachten, maar op donderdagmiddag 5 maart werd het eerste ei gelegd! Een prachtig moment, en ze doen het als eerdere jaren: de man gaat weg op het moment suprême, de vrouw legt in alle rust. Man komt kijken en ziet dat het goed is.

Kijk live mee!

 

Restauratie Park Huize Olterterp gestart

Maandagmorgen 19 januari 2026 startten de grote herstelwerkzaamheden van Park Huize Olterterp. Directeur Chris Bakker assisteerde bij de eerste werkzaamheden in het park, onder toeziend oog van de aannemers, medewerkers en vrijwilligers. Het eeuwenoude park, gevormd door generaties van de hoveniersfamilie Vlaskamp en tuinarchitect Roodbaard, is een toonbeeld van de Engelse landschapsstijl. Als trotse eigenaar werkt It Fryske Gea aan het herstel van dit unieke erfgoed, gebaseerd op uitgebreid historisch onderzoek van onder andere Stichting In Arcadië. Na eerdere kleinere herstelstappen sinds 2022 starten nu de grote restauratiewerkzaamheden, die naar verwachting in de zomer van 2026 zijn afgerond.

Park krijgt klassieke karakter terug

De restauratie brengt de cultuurhistorische rijkdom weer tot leven én versterkt tegelijk de natuurwaarden: meer variatie in beplanting, betere leefruimte voor vogels en insecten en een park dat weer toekomstbestendig is. De voortuin krijgt weer haar slingerende paden en sierlijke beplanting, terwijl de zijtuin verandert in een uitnodigend voorplein met een natuurlijk ingepaste parkeerplaats. Nieuwe wandelpaden en een brug naar de Slotlaan openen de achtertuin opnieuw voor bezoekers, met rond de natuurvijver fruit- en bessenstruiken die de biodiversiteit versterken. Nieuwe bankjes en toegangspoorten maken het geheel af, waardoor de rijksmonumentale tuin zijn oorspronkelijke charme en toegankelijkheid herwint.

“In Park Huize Olterterp zie je nog altijd de hand van tuinontwerpers zoals Vlaskamp en Roodbaard. Met de restauratie van het park brengen we het rijke verleden weer tot leven en maken het klaar voor de toekomst. Straks kan iedereen weer volop genieten van een park dat niet alleen mooi is maar ook zijn klassieke karakter terugkrijgt.”, medewerker cultuurhistorie en erfgoed Stefien Smeding

Planning werkzaamheden

In samenwerking met Snoek Puur Groen en Historisch groenbeheer worden de werkzaamheden van de winter tot aan begin van de zomer in drie fasen uitgevoerd: van voorbereiding en terreinwerk in de winter tot de grote aanlegwerkzaamheden in het voorjaar, gevolgd door beplanting en afronding begin van de zomer. Reijm Groenontwerp&advies heeft de uitwerking van het ontwerp en het beplantingsplan verzorgd. Bezoekers kunnen in deze periode tijdelijke afsluitingen of omleidingen tegenkomen, maar het park blijft zoveel mogelijk toegankelijk. Begin zomer worden de laatste details opgeleverd en krijgt het park zijn vernieuwde, samenhangende uitstraling terug.

Dit project is mede mogelijk gemaakt door bijdragen van het het Cultuurfonds, De Versterking, Hedwig Carolina Stichting, Dinamo Fonds, Business Club foar It Fryske Gea, medegefinancierd door de Europese Unie en particuliere donaties en giften.

 

 

Secret Link